– 17 –


 

Ademloos trok Niall zich terug uit de zoen. ‘You don’t have the right to,’ zei hij mij afwijzend. Vragend keek ik hem aan. ‘I can’t have you play with my feelings like that, Fearne.’

 

            I’m not. De woorden klonken duidelijk in mijn gedachten, maar het uitspreken ervan lukte mij niet. Op de één of andere manier kon ik mij er niet toe zetten, hoe helder de woorden dan ook weerklonken in mijn hoofd. Pijnlijk bleven deze steken in mijn keel.

 

            Verward wendde ik mijn blik af van Niall. ‘I’m sorry…’ fluisterde ik bijna onverstaanbaar, in plaats van de woorden die ik het liefst had willen uitspreken.

 

            Niall zijn hoop was zo goed als hoorbaar en zijn teleurstelling drukte voelbaar over mij heen. Het was simpeler geweest als ik mijzelf niet had laten gaan, als ik de waarheid uit had gesproken. Simpeler was alleen niet gemakkelijker. De eenvoud was het meest gecompliceerde dat er was, zeker in dat moment.

 

            ‘Just…’ begon Niall schor. Verder kwam hij niet.

 

            Zwijgend knikte ik zonder Niall nog aan te kijken en verliet de badkamer, de deur zacht achter mij sluitend. Heel even twijfelde ik, maar liep toen dwaas richting de voordeur. Bij de kapstok pakte ik nog gauw mijn jas, maar liep toen het huis uit.

 

 

 

 

 

Op momenten zoals deze wenste ik meer dan ooit dat ik mijn moeder nog had. Meer dan ooit wenste ik dat ik met haar kon praten over de puinhoop die ik creëerde en de gevoelens die ik negeerde. Ongemerkt rolden de tranen over mijn wangen, terwijl ik geen idee had waar ik heen liep. Mijn hele leven was zojuist overhoop gegooid, omdat ik de aanduidingen had ontkend en ik had geen idee hoe ik het op kon lossen en waar ik moest beginnen.

 

            Gelukkig had ik nieuwe vrienden die wel wisten hoe zij dingen uit konden wissen. Herinneringen en pijn? Daar hadden zij als geen ander de oplossing voor, al was het maar voor even. Zonder er over na te hoeven denken ging ik in op de uitnodiging om te komen naar het appartement van Aubrey en Milena.

 

            Voordat ik de lift van het flatgebouw instapte stuurde ik nog een tekstbericht naar Seraiah, met daarin vermeld dat ik bij The Fakers was, voordat ik mijn mobiele telefoon compleet uitzette. De meerdere telefoonoproepen en tekstberichten van Ferelith bleven daarmee ongezien.

 

            Eenmaal binnen in het appartement van Aubrey en Milena mocht het gelijk duidelijk zijn dat zij daar woonden. Overal hingen grote canvasdoeken met foto’s uit hun fotoshoots aan de wanden en lag designerkleding verspreid over de met opgedroogde nagellak besmeurde vloer. Blake en Graham rookten een joint op de roze gekleurde bank in de woonkamer en Milena en Zelda waren bezig met het maken van Caipirinha cocktails in de keuken. Niet veel later kwam Aubrey triomfantelijk thuis met een fles die door de vrienden “the green fairy” werd genoemd, maar officieel Absinthe heette.

 

            Veilig hield ik het eerst bij de Caipirinha’s, maar al gauw zwichtte ik onder de groepsdruk en nam ik het uitgereikte glas aan van Zelda. Stom genoeg smaakte de groene drank ongelooflijk sterk en zo ontzettend vies, dat ik het maar met moeite doorgeslikt kreeg. Natuurlijk leverde dat veel gelach op van de anderen, maar de smaak van anijs en venkel ging absoluut niet samen met de smaak van limoen die ik eerder had gedronken. Wel had ik daarmee een goed excuus om niet de joint aan te nemen van Graham, want anders zou ik echt overgeven binnen enkele seconden tijd.

 

            Met het gedronken alcohol percentage duurde het niet lang voordat het onveilig was om op te staan van de bank en giechelde ik totdat ik spierpijn had. Werkelijk had ik geen idee meer van hetgeen dat ik zelf zei, laat staan dat ik in staat was van het volgen van de door de anderen gevoerde gesprekken.

 

            Zojuist lag ik languit op het hagelwitte vloerkleed, gestruikeld over mijn eigen voeten door de bewegende vloer, toen ik vaag het silhouet van Seraiah herkende in de deuropening. Lachend krabbelde ik omhoog en wilde naar hem toelopen, maar hij was alweer verdwenen. Milena trok mij aan mijn arm terug op de roze bank, al maakte ik eerder nog een val dan dat ik daadwerkelijk ging zitten.

 

            ‘Want to “meow”?’ vroeg Milena met een uitdagende glimlach.

 

            Lachend keek ik de vriendin aan. ‘Meow,’ sprak ik terug. Het woord beviel mij wel en ik herhaalde het naar mijn idee dan ook eindeloos.

 

            Milena hield een gekleurde capsule tussen haar tanden en slikte deze door met een grote slok Caipirinha. Zij overhandigde mij eenzelfde capsule, die ik gewillig in mijn mond stopte, waarna zij mij haar glas aan mijn lippen zette, om de capsule door te kunnen laten slikken.

 

            Bijna slikte ik de capsule zo al door zonder vloeistof, want het beeld van Seraiah verscheen iets vertraagd in mijn zicht en liet mij schrikken. Zijn vingers zochten naar de capsule in mijn mond, waarna hij deze ongeïnteresseerd weggooide door de woonkamer.

 

            ‘Come on, get up,’ gebood Seraiah mij. Diepverontwaardigd staarde ik hem aan. ‘Fearne, get up now. We are going home.’

 

            Tegenspartelend verloor ik het alsnog van de man. Hevig bracht ik van alles in tegen zijn afdwingende woorden, hoe onsamenhangend mijn protest dan ook mocht klinken. Zwalkend op mijn benen liep ik met ondersteuning van Seraiah naar de lift.

 

            ‘Fun Fearne, that’s what they’ll call me!’ riep ik moeizaam. ‘That’s my name, Fun Fearne!’

 

            Seraiah lachte zacht. ‘Call me Sensitive or Stupid Seraiah, but I’m taking you home, love,’ zei hij mij gemoedelijk. ‘Niall is like a brother to you, so he’d kill me if he’d find out I didn’t watch you close enough, leaving you with these people.’

 

            Meteen kwam dwars door de alcohol heen de harde realiteit toch bij mij binnen en begon ik onophoudelijk te huilen. ‘He is not my brother!’ schreeuwde ik Seraiah kwaad toe. ‘Niall is not! Do you hear me? We are… Listen, he loves me!’

 

            ‘Of course he does,’ suste Seraiah mij, proberend mij de lift binnen te krijgen. ‘But he will not love to find out you’re hanging out with these people.’

 

            Hevig schudde ik mijn hoofd en viel bijna weer tegen de grond. ‘We’re friends!’ probeerde ik de man snikkend duidelijk te maken.

 

            ‘People who let you get drunk before popping you pills are not your friends, Fearne,’ verzuchtte Seraiah doordringend en tilde mij praktisch gezien haast op, om mij de lift in te krijgen. Hij begreep niet hetgeen dat ik hem eigenlijk wilde zeggen en het frustreerde mij, hoewel ik er niets tegenin kon brengen. ‘C’mon, sweetheart. You’re going to sleep it off when we get you home.’

 

            De lift ging naar beneden, maar mijn evenwichtsorganen en de zwaartekracht waren niet mijn beste vrienden op dat moment. Net voor de liftdeuren op de begane grond weer open gingen, snakte ik naar frisse lucht, knielde neer op de grond, voordat de inhoud van mijn maag geleegd werd in de gang bij het open gaan van de liftdeuren.

 

            ‘Fantastic,’ mompelde Seraiah verveeld. Snel pakte hij mijn haren bij elkaar, voordat hij mij nogmaals hielp staan. ‘Let’s get you some fresh air, alright? What have you been drinking? Never mind, don’t tell me.’

 

 

 

 

 

Seraiah vond ik rustig lezend aan de keukentafel. Hij droeg schattig genoeg een bril om de tekst beter te kunnen lezen en keek over de brilglazen heen toen hij mij aan hoorde komen lopen. Meteen deed hij zijn bril voor mij af en keek mij afwachtend aan. Vertwijfeld wist ik niets uit te brengen.

 

            ‘Do you want to talk about what’s happened yesterday?’ klonk de man zowaar bezorgd.

 

            Zacht schudde ik mijn hoofd en voelde het verdriet weer aanspoelen rond mijn hart. ‘No…’ fluisterde ik onzeker. ‘But I do want to tell you I am sorry. You know, I may drink occasionally, but I never let myself go that far.’

 

            ‘I know,’ antwoordde Seraiah direct zonder enige twijfel. Het maakte mij dat ik mij alleen maar meer schuldig voelde tegenover hem. ‘And you don’t have to tell me you are sorry. Just know I’m here for you if you need me.’

 

            Kort dacht ik na over de woorden en na diep adem te hebben gehaald nam ik plaats op de keukenstoel naast die van Seraiah. ‘I need you,’ vertelde ik hem gemeend. ‘And I know you need me. Could you just, please…’

 

            Nog voordat ik was uitgesproken, had Seraiah zijn armen al om mij heen geslagen. De omhelzing veranderde al gauw in een zoen en hij trok mij bij hem op schoot. Zijn aanrakingen waren lief, maar al snel waren deze provocerender en kreeg hij mij mee richting de slaapkamer. Tijdens onze verhitte zoensessie verloren wij al enkele kledingstukken en al vlug lag ik zo goed als naakt onder deze man tegen het matras van zijn bed. Het escaleerde veel te snel.

 

            Met moeite kreeg ik mijn mond open en de woorden over mijn lippen. ‘I can’t…’ prevelde ik met tranen in mijn ogen. ‘Honestly, I don’t want to disappoint you again, but… Everything is so blurry right now.’

 

            Seraiah liet zich dichter over mij heen zakken en plaatste een kus op mijn schouder. Heel precies opmaken dat hij teleurgesteld was, kon ik niet. Dat maakte mij juist alleen maar meer in de war. Tranen verschenen in mijn ogen, maar ik probeerde deze tegen te houden door te bijten op mijn onderlip.

 

            ‘It doesn’t matter,’ zei Seraiah mij in zijn helder warme stem. ‘I still love you.’

 

            Geschrokken keek ik de man aan. ‘You love me,’ herhaalde ik hardop voor mijzelf.

 

            Seraiah trok het laken naar zich toe en drapeerde deze over mijn schouders toen ik rechtop zat. Mij nu tamelijk naakt voelend in zijn aanwezigheid, wikkelde ik mijn ontblote bovenlijf in het laken.

 

            ‘How could I not?’ vroeg de man terug met een kleine glimlach.

 

            Vermoeid wreef ik met mijn handen over mijn gezicht. Waar was ik in vredesnaam mee bezig? Feitelijk slingerde ik mijzelf van de ene situatie in de andere en ik kwam geen stap vooruit. Mocht er iets gaande zijn, dan was het dat ik een pad van ellende en vernietiging achter mij liet.

 

            In een poging voor eens het juiste te doen in deze dagen, deed ik de gekregen ketting van mijn moeder af en gaf deze aan Seraiah. ‘My mum gave it to me on my sixteenth birthday. This clover is meant to bring you luck and keep you safe, that’s what she told me,’ vertelde ik en voelde mij overtuigd voor het eerst sinds dagen. Als iemand geluk kon gebruiken, dan was het Seraiah.

 

            Starend naar de lange ketting met het witgouden klavertjevier in zijn hand schudde de man zijn hoofd. ‘Fearne, you cannot let me take this, it’s way too meaningful to you,’ verweerde hij en wilde het sieraad aan mij teruggeven.

 

            ‘Of course you can. As long as we’re together, what’s mine is yours. So just don’t ever break up with me. Besides, you probably need it more than I do right now,’ probeerde ik zelfverzekerd te spreken met diezelfde zekerheid die Seraiah oneindig leek te bezitten.

 

            De man keek vragend naar mij op. ‘So we’re together, eh?’ vroeg hij met die beroemde, uitdagende glimlach.

 

            Zacht knikte ik. ‘How could we not?’ vroeg ik de man met zijn eigen woorden terug.

 

            Seraiah knikte nadenkend en stond op, veel te sexy in slechts zijn donkere boxershort. ‘Alright,’ zei hij toen, voordat hij naar de badkamer liep. Voor een moment hoorde ik hem zoeken, maar toen kwam hij terug met een gouden ring. ‘I want you to have this. My oldest sister gave this when…’ Even viel hij stil. ‘Well, it used to be my father’s.’ Uiterst zorgzaam schoof hij de zegelring met de familieletter H van Huntington om mijn ringvinger, ook al was deze daarvoor veel te groot.

 

            Met een kleine glimlach keek ik de man aan. ‘We can really never break up now,’ liet ik hem plagend weten. ‘Because if we do…’

 

            Glimlachend besloot Seraiah mijn ketting om te doen, toevoegend bij de gouden ketting met een Christelijk kruisje rond zijn nek. ‘We won’t ever now we’re in way too deep,’ lachte hij terug.

            Het intieme moment van belangrijke sieraden uitwisselen gaf mij zekerheid op een bepaalde manier die ik niet kon uitdrukken in woorden. Vreemd genoeg gaf het mij een soort rust en deze had ik nodig, wilde ik nog normaal kunnen functioneren. De hevige conflicten in mijn hoofd met alle verwarrende feiten zouden mij anders krankzinnig hebben gedreven. Mij volledig aan Seraiah geven kon ik niet, maar zolang hij zou waken over mijn hart nu ik dat zelf niet kon, zou ik hetzelfde doen over het zijne.


Reactie schrijven

Commentaren: 0