– 1 –


De lucht kleurde langzaam meer donker naarmate de avond naderde. Er hing sneeuw in de lucht, waardoor de overdrijvende wolken zachte pasteltinten met zich meedroegen in deze winterse namiddag.

 

            Gehuld in een donkerkleurige trenchcoat en geborgen in een warme sjaal vervolgde ik mijn weg naar de pub waarin ik had afgesproken met mijn allerbeste vriendin hier in Ierland. Koude vrieswind steeg ineens op in de smalle straat waarin ik liep, waardoor ik gauw mijn pas iets versnelde. Zodra het bekende gebouw in mijn zicht kwam, verscheen er een kleine glimlach op mijn gezicht. Tussen allerlei andere restaurants en winkeltjes was een zwart geschilderde pub met het gouden opschrift “Cuimhiní Órga” te vinden. Volgens mijn vrienden hier betekende het “gouden herinneringen” en deze hadden wij daar zeker gemaakt.

 

            Zodra ik de deur van de pub opende kwam een bekende geur mij tegemoet. De precieze beschrijving daarvoor kon ik zo snel niet vinden, maar het rook naar “vroeger”, dat was zeker. Sinds mijn zeventiende slopen wij hier al stiekem naar binnen, aangezien sommigen van ons al wel achttien waren geweest. Dat was pas zo’n drie jaar geleden, maar het leek al zoveel langer.

 

            Bij het horen van het opengaan van de deur keken verschillende mensen op om mij vriendelijk te begroeten, waaronder de vertrouwde glimlach van mijn beste vriendin. Vreemd genoeg werd ik nu pas met een groter gevoel van gemis overspoeld dan de afgelopen maanden. Het was veel te lang geleden sinds ik haar voor het laatst gezien had. Meteen liep zij bij de bar vandaan om mij stevig te omhelzen.

 

            ‘God, I’ve missed you!’ verzuchtte Ferelith, mij nog niet los willen latend. ‘Thank God, you’re finally here! I missed you so – so much!’ Zij verstevigde de grip van de knuffel, waarbij haar roodbruine krullen kietelden in mijn gezicht. ‘Seriously, don’t you ever dare to stay away that long again!’ Eindelijk liet zij mij weer ademen toen zij mij losliet. ‘Honestly, how are you doing, though? Are you okay?’

 

            Lachend schudde ik mijn hoofd. ‘I’m fine, really. Missed you too!’ Glimlachend drukte ik een kus op de wang van mijn beste vriendin. ‘And I’m so glad to be back here, because it has been way too long,’ bevestigde ik diepgemeend.

 

            ‘There she is!’ klonk de zware stem van Eoghan vanachter door de pub. Verrast keek ik op bij het bekende geluid en zuchtte ongelovig. ‘Lost, but finally found!’

 

            Ferelith sprong bijna op en neer van enthousiasme. ‘While you say hello to the lads, I’ll get us some drinks, okay?’ vroeg zij zonder daadwerkelijk op mijn antwoord te wachten.

 

            Eoghan, zo groot zoals dat hij gegroeid was over de afgelopen jaren, deed mij doen verdwijnen in zijn gespierde armen. ‘Good to have you back, Goldie!’ groette hij en plaatste een kus tussen mijn donkere haren.

 

            ‘Good to be back,’ sprak ik nog terug tegen Eoghan, terwijl ik ondertussen al een knuffel ontving van de altijd even optimistische Veren. ‘What are you guys doing here, though? Did Fere tell you I’d be here? She did, didn’t she?’

 

            Veren haalde nonchalant zijn schouders op. ‘So?’ vroeg hij bijna beledigd door mijn gestelde vragen. ‘We’ve missed you too, you know!’ Hij schoof al aan het tafeltje dat ooit onze vaste plek was geweest in deze pub op elke vrijdag- en zaterdagavond, waarna hij gebaarde Eoghan en mij hetzelfde te doen. ‘C’mon, sit down. Geez, you guys, it’s been ages since we’ve all hung out like this!’

 

            ‘Oh, God…’ lachte ik zacht, terwijl ik naast Veren ging zitten op het zwart geverfde houten bankje. ‘The others are all coming too, I suppose?’ De man naast mij keek mij direct waarschuwend aan. ‘I just wanted to catch up with Ferelith first, alright?’ Plagerig keek ik naar hem terug. ‘Didn’t mean to hurt your feelings.’

 

            Eoghan lachte hartelijk, voordat hij tegenover ons aan het tafeltje plaatsnam. ‘Yeah, that ain’t happening,’ grijnsde hij onschuldig. ‘So what’s new with you? I heard you finally got a job?’

 

            ‘Here you go!’ sprak Ferelith over de woorden van Eoghan heen. ‘A Long Island Iced Tea for you and me and another pint for you two, lads. You’re all very welcome.’ Zij zette de twee glazen bier en de twee glazen drankjes voorzichtig neer op de tafel, waarna zij Veren en mij gebaarde op te schuiven, omdat zij naast mij wilde komen zitten op het bankje. ‘I hope it’s alright we’re all meeting tonight?’ vroeg zij vervolgens voorzichtig. ‘The guys wouldn’t take no for an answer after they invited themselves to come along. Like, I hardly ever see these guys anymore, but all of a sudden we’re best friends again now you’re back in town.’

 

            Eoghan greep naar waar zo ongeveer zijn hart moest zitten. ‘Now you are hurting my feelings, love,’ sprak hij met gespeelde dramatiek, waarna hij weer in mijn richting keek. ‘Although I have to break it to you we’re not all meeting up tonight. We don’t hear that often from Eimear anymore and of course Niall ain’t even in the country nowadays.’

 

            ‘Yeah, the filthy rich bastard,’ mompelde Veren zogenaamd afkeurend, waarna hij een slok nam van zijn glas bier. ‘Leaving us all here, while he’s off partying in London town.’

 

            De man tegenover ons knikte instemmend. ‘Such a wanker,’ beaamde hij met een kleine lach terug.

 

            Verontwaardigd keek ik het drietal aan. ‘What did I mis? Do we all hate Niall now, for being successful and all that? Someone should’ve passed me the note,’ sprak ik afhoudend, niet-wetende hoeveel er precies veranderd kon zijn in de tijd dat ik weg was geweest.

 

            ‘Nah, we just miss him,’ grijnsde Veren geruststellend. Hij keek mij lacherig aan. ‘Don’t worry, he’s still our pal.’

 

            Aangezien het hierbinnen warm genoeg was, wikkelde ik de sjaal los van mijn nek. ‘How is he doing?’ vroeg ik belangstellend, terwijl ik ook mijn jas uittrok.

 

            Hardhandig vloog de deur van de pub weer open. ‘Sorry I’m late!’ klonk een hoge stem. ‘Damn it! Not my new jacket!’ Mistroostig keek de jonge vrouw om te zien of de bruinleren jas die zij droeg beschadigd was, omdat zij aan de deurklink was blijven haken. Vervolgens keek zij opnieuw op naar ons tafeltje. ‘Fearne! You’re here! God, it’s so good to see you!’ Keara liet de deur en de jas voor hetgeen dat zij waren en kwam naar ons toegelopen. Zij boog over het tafeltje heen en drukte een kus op mijn wang.

 

            ‘What about us?’ vroeg Veren met zijn liefste gezicht. Lachend drukte Keara ook een kus op zijn wang, voordat zij naast Eoghan plaatsnam op het bankje tegenover ons. ‘Thank you, you nice lady!’

 

            Met een diepe zucht ritste Keara haar jas los. ‘So… What did I miss?’ vroeg zij nieuwsgierig. Toch was haar aandacht al gauw weer vervlogen, want zij gebaarde ondertussen naar de barman dat ook zij graag een glas bier wilde bestellen.

 

            ‘Nothing, really. Fearne only just got here a few minutes before you did,’ antwoordde Ferelith hoe dan ook.

 

            Keara stond op om de door de barman klaargezette glas bier te pakken van de bar, waarbij Eoghan eerst gauw de muts van haar hoofd aftrok. ‘You look ridiculous with that thing on your head,’ mompelde hij lacherig.

 

            ‘What? I think it’s cute!’ verdedigde Ferelith Keara onmiddellijk.

 

            Keara zelf schudde slechts verveeld haar hoofd en pakte haar glas bier, voordat zij opnieuw bij ons plaatsnam. Zoals vertrouwd werd er onzinnig over niets gediscussieerd tussen mijn vrienden, met dit keer de muts van Keara als aanleiding. Des te meer realiseerde ik mij hoeveel ik van deze mensen hield en dat ik mij hier pas echt thuis voelde.

 

            ‘I love the hat!’ kwam ik lachend tussen Keara en Veren. ‘And I’ve missed all of you guys! Just… Well, I’ve missed this.’

 

            Ferelith sloeg haar arm om mij heen en trok mij voor even in een zijwaartse knuffel. ‘And we’ve missed you. Welcome back, Goldie,’ zei zij mij met een glimlach. ‘Oh, and remember, you’re staying with us till at least after New Year’s.’

 

 

 

 

 

‘Aren’t you Prince Charming?’ snoof Keara neerbuigend, nadat Eoghan verteld had dat hij zijn bijna, soort van vriendin ongeveer bedrogen had afgelopen weekend. ‘I don’t even wanna hear the rest of it.’

 

            Dat herinnerde mij. ‘Speaking of “Prince Charming”. When will Niall be back in town?’ vroeg ik benieuwend. ‘Like, is he coming back for Christmas, or anything?’ Hoewel ik het liever niet hardop zei, zou ik ook hem graag weer eens willen zien, iets dat niet meer gebeurd was sinds hij ontdekt was door een Britse platenmaatschappij. Zonder zijn energieke aanwezigheid was de vriendengroep toch niet echt helemaal compleet.

 

            Veren haalde zijn schouders op. ‘Dunno, to be honest with you. He’s doing shows all over England right now,’ antwoordde hij nadenkend. ‘I haven’t spoken to him in a few days. Although, I assume he’ll be back home to be with his family, right?’

 

            ‘Yeah, probably. But we will be seeing him before that, actually. He’s giving this huge Christmas concert in the O2 arena and it’s kind of a big deal. We’re all going to see the show, because he’s invited us all to come and yes, that means you should come along with us now you’re here. Niall’d be thrilled to see you, I’m sure!’ verzekerde Ferelith mij met een glimlach.

 

            Keara knikte opgetogen. ‘Yes! This trip will be so much fun!’ stemde zij direct in met de woorden van Ferelith. ‘All of us together like the old times! Have you ever seen his house, by the way? It’s huge! Man, I love London! Why don’t we all live there, again?’

 

            ‘Because we’re a poor bunch of idiots, who will never leave our hometown,’ lachte Veren als antwoord op Keara haar retorische vraag. ‘Besides, we don’t need to, because we can live off of Riordan.’

 

            Zacht lachte ik om de woordkeuze van de man naast mij. ‘Well, I’d love to. This should be fun, interesting at least,’ antwoordde ik schouderophalend. ‘Don’t think I’ve ever seen him perform in front of a crowd, really. So the O2 arena, eh? Thousands of people willing to see our friend, that’s pretty crazy.’

 

            Enthousiast knikte Veren. ‘It’s amazing, isn’t it?’ reageerde hij uitgelaten, maar bovenal trots.

 

            ‘Remember when Niall used to sing “I don’t care” in a high pitched note whenever he was annoyed or bored with something?’ haalde Eoghan ineens uit het niets een oude herinnering op.

 

            Verrast keek ik Eoghan aan. ‘He did that all the time, right?’ riep ik gedempt.

 

            Keara boog zich over de tafel heen. ‘Seriously, was I the only one who hated that?’ bracht zij op.

 

            ‘No!’ bevestigde ik direct lachend. Grappig genoeg was ik niet de enige, want zo ook de andere drie vrienden vielen mij bij. ‘Definitely not.’

 

            Eoghan keek ons allen ernstig aan. ‘It made me want to kill myself,’ deelde hij ons plechtig mede.

 

            ‘Oh, thank goodness!’ trok Keara zich tevreden terug. ‘I really thought I was on my own with this one. Everyone loves every little thing that he does right now, but that had got to stop!’

 

            Hevig schudde Ferelith haar hoofd. ‘You’re not alone. That was just plain awful!’ verweerde zij met een moeilijk gezicht. ‘Pray to God he doesn’t still do that anymore. Because that means he hasn’t made any new friends in London and that’d be just depressing.’

 

            Veren schoot onmiddellijk in de lach na de serieus klinkende woorden van Ferelith. ‘We should make a sign of those words, you know. For during the concert, I mean. Give him a right proper laugh!’ grijnsde hij alleen al bij het voor zich zien van zijn idee.

 

            Eoghan nam nog maar eens een flinke slok van zijn glas bier. ‘I’m so glad he’s annoying other people now,’ mompelde hij met een zucht.

 

            Keara knikte goedkeurend naar Veren. ‘Sounds good!’ stemde zij met zijn idee in.

 

            ‘And he’s getting paid for it as well!’ hielp Ferelith Eoghan herinneren. ‘I’m so happy for him – and for us too!’

 

            Nogmaals schudde ik lachend mijn hoofd en besefte mij maar al te goed dat ik gezegend was met geweldig lieve vrienden zoals deze. Al had ik de optie, ik zou geen andere vrienden willen.

 

 

 

 

 

Langzaam struinde ik het laatste stuk alleen af over het trottoir richting het hotel. Zojuist had ik als laatste afscheid genomen van Veren, die zo ver mogelijk met mij mee was gelopen. Hij had mij het liefst persoonlijk bij mijn hotelkamer af willen zetten, maar ik had hem gevraagd dat niet te doen. Voor even wilde ik in de stilte deze avond kunnen overdenken.

 

            Met mijn  handen ver in de zakken van mijn trenchcoat bedacht ik mij dat ik ontzettend blij was om hier terug te zijn in Ierland, maar het land gaf mij ook veel herinneringen terug. Na het overlijden van mijn moeder afgelopen jaar, had mijn vader ons kleine vakantiehuis hier in het dorp verkocht. De vele herinneringen die het huis met zich meebracht zouden te pijnlijk voor hem zijn geweest om te erkennen, iedere dag opnieuw. Toch was ik graag teruggegaan, juist om mij daar te kunnen omgeven met al de herinneringen aan mijn moeder. Jammer genoeg lag dat voor mijn vader anders en ik probeerde dat te respecteren.

 

            Zacht beet ik op mijn onderlip, terwijl ik mij bedacht hoe vaak mijn moeder en ik samen door deze straten gelopen hadden. Wel, en hoe vaak ik haar hier niet tegen had willen komen, omdat ik met mijn vrienden was geweest. Soms in staten waarvan ik niet wilde dat zij mij ooit zo zou zien. Hier, in dit dorp, was ik simpelweg opgegroeid tot de jonge vrouw die ik nu was. Dat alles had ik te danken aan het feit dat mijn moeder Ierse was en het feit dat ondanks dat zij in de stad Dublin opgegroeid was en mijn vader in het Nederlandse Amsterdam had leren kennen, graag zo vaak mogelijk wilde verblijven in de natuurgebieden van het vertrouwde Wicklow. Na jarenlang had mijn moeder dan eindelijk mijn vader zo ver gekregen om uiteindelijk het vakantiehuis in dit dorp te kopen, omdat zij bij mijn geboorte de compromis hadden gesloten om te blijven wonen in Nederland.

 

            Gelijk tijdens mijn eerste bezoek aan dit dorp had ik Ferelith leren kennen. Zij was benieuwd geweest naar wie haar nieuwe buurmeisje was geworden en had een zelfgemaakte kwarktaart met zich meegebracht toen zij nieuwsgierig had aangebeld bij ons vakantiehuis. Vervolgens spendeerden wij heel wat tijd met elkaar, terwijl zij mij ondertussen het dorp liet zien. Dat en haar vrienden.

 

            Vanaf het begin af aan al hadden Ferelith en haar vrienden mij beschouwd als één van hen, ondanks het feit dat ik maar enkele weken per jaar met hen doorbracht. Dat was hetgeen dat Ierland zo speciaal maakte voor mij; mijn ware vrienden voor het leven.

 

            Eenmaal binnen in het hotel werd ik verwelkomd door warmte. Na de vriendelijke mensen in de lobby een goede nacht te hebben gewenst, nam ik de lift naar de tweede verdieping.

 

            Op de tweede verdieping van het hotel was de hotelkamer die ik met mijn vader deelde. Zoals ik stiekem al een klein beetje had verwacht, was mijn vader in slaap gevallen op de bank in het woonkamergedeelte. De televisie stond nog aan op een sportprogramma, die ik vervolgens maar uitdeed. Alhoewel het hier binnen warm was, pakte ik toch maar een deken en legde deze over mijn vader heen.

 

            ‘Slaap lekker, pap,’ fluisterde ik zacht, voordat ik een kus op zijn wang drukte.

            Vervolgens deed ik alle lichten in de woonkamer uit, voordat ik naar de badkamer toeliep om mij klaar te maken om ook maar gelijk te gaan slapen. Toch duurde het nog een hele tijd voordat ik daadwerkelijk in slaap kon vallen.


Reactie schrijven

Commentaren: 0